Zoeken
  • Jagritta Olthof

Het is eerste paasdag, tweeduizendnegentien, zing ik.


Nadat ze ieder in hun eigen huis het paasontbijt hebben genuttigd, zien ze elkaar bij Liesje in de achtertuin. Ze zitten beide tussen de touwen en al schommelend komen de vragen. ‘Heb je ook een broodje in de vorm van een paashaas met daarin een ei gegeten?’ vraagt Liesje aan Loesje. ‘Nee,’ antwoord ze. ‘Ik had een ei, gewoon in mijn eierdopje, en ...’ ‘Ja, wat?’ wil Liesje weten. ‘Een hele grote platte cracker met roomboter en bruine suiker. Om te smullen.’ ‘Oh, daar heb ik nog nooit van gehoord.’ ‘Geloof jij in God?’ vraagt Loesje vanuit het niets. ‘Gosh, dat weet ik eigenlijk niet. Zou hij echt bestaan? Nee, ik denk van niet.’ ‘Jawel hoor, mijn pappa zegt van wel.’ Liesje schudt haar hoofd. Dan beginnen haar ogen te stralen. ‘Weet je,’ zegt ze, ‘gisteren heb ik stiekem twee chocolade kippen op een nest met eitjes meegenomen. Ze stonden bij mijn oma op de kast.’ Loesje kijkt haar, met een lichte paniek in de ogen, aan. ‘Gestolen?’ vraagt ze geschrokken en begint langzamer te schommelen. ‘Ja, niet verder vertellen, hoor.’ ‘Wil je ze zien?’ vraagt Liesje met enige triomf in haar stem. ‘Natuurlijk.’ ‘Kom, ik heb ze in het kippenhok gelegd.’ Beide springen ze op de grond. De schommels komen pas tot stilstand als de meisjes al lang en breed bij het hok zijn aangekomen. Niet veel later zitten ze allebei, in kleermakerszit, te smikkelen. ‘Dit komt niemand te weten,’ zegt Liesje, terwijl ze met haar handje de chocolade rondom haar mond wegveegt. ‘Jawel hoor, Jezus weet het, hij ziet en hoort alles.’ ‘Nee hoor, echt niet,’ antwoord Liesje, ‘die hebben ze net dood gespijkerd.’

Met een grote glimlach schenkt Jagritta Olthof zichzelf een koffie in en denkt: ‘Zo hoor je nog eens iets, gezeten in je eigen achtertuin.’

Fijne paasdagen 🥚🐣🥚

Copyright: Jagritta Olthof

1 keer bekeken

FOLLOW ME

  • Facebook Social Icon
  • Instagram
  • LinkedIn Social Icon

© 2020 by Jagritta Olthof